Erven en schenken: 1. Erfbelasting

Tax Preparation! Tax Time! Tax Forms! NOMINATED!!

In zijn vorige artikel schreef Niels De Wit over het belang van nalatenschapsplanning. Waarom het zo belangrijk het is, en wat de meest gebruikte excuses zijn om hier niet mee te beginnen. Nu zal hij erfbelasting verder toelichten.

In dit eerste artikel over de erfbelasting bespreek ik enkele basiselementen van deze belasting. Vandaag hebben we het over de belastbare grondslag. 

Voordat ik hiermee begin, is het belangrijk om te weten dat erfbelasting een gewestelijke materie is. Dit betekent dat er verschillende regels zijn voor het Vlaams Gewest, het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en het Waals Gewest. De belangrijkste verschillen tussen de gewesten zitten in (i) de tarieven en (ii) de berekeningswijze van de erfbelasting. Hier komen we in een later artikel nog op terug. In wat volgt, zal ik het enkel hebben over de Vlaamse erfbelasting. 

Wanneer is de Vlaamse erfbelasting nu precies van toepassing? De Vlaamse erfbelasting is van toepassing als de overledene een rijksinwoner is en zijn of haar laatste fiscale woonplaats in het Vlaams Gewest ligt. Met het begrip ‘fiscale woonplaats’ bedoelt men de werkelijke woonplaats. Indien de overledene tijdens de laatste vijf jaar van zijn of haar leven in meerdere gewesten gewoond heeft, dan is het gewest waar de overledene het langst gewoond heeft bevoegd om de erfbelasting te heffen. 

De belastbare grondslag

De belastbare grondslag van een belasting is het bedrag waarop deze belasting berekend wordt. De erfbelasting wordt berekend op de waarde van alle roerende en onroerende goederen (in binnen- en buitenland) waarvan de overledene op datum van het overlijden eigenaar was (het actief van de nalatenschap), verminderd met de kosten van de begrafenis en andere eventuele schulden van de overledene (het passief van de nalatenschap). Met andere woorden, de overledene wordt belast op zijn of haar wereldwijd vermogen. 

Heel kort samengevat: belastbare grondslag nalatenschap = actief van de nalatenschap – passief van de nalatenschap.

Actief van de nalatenschap

Het actief van de nalatenschap is dus gelijk aan de waarde van alle roerende en onroerende goederen waarvan de overledene op datum van het overlijden eigenaar was. Het principe is dat de belastbare waarde van de goederen die deel uitmaken van de nalatenschap gelijk is aan de geschatte verkoopwaarde op de dag van overlijden. 

Dit is een eenvoudige regel, maar in de praktijk is dit niet altijd even evident. Stel bijvoorbeeld dat de overledene een effectenportefeuille had met een waarde van één miljoen euro op de dag van het overlijden. Zoals jullie uit ervaring ongetwijfeld weten, fluctueert de waarde van een effectenportefeuille van dag tot dag. Dit kan aanleiding geven tot vervelende fiscale situaties. Er verstrijkt immers wel wat tijd tussen de dag waarop de waarde van de effectenportefeuille bepaald wordt (de dag van het overlijden) en de dag waarop de erfbelasting betaald moet worden. Stel nu bijvoorbeeld dat de financiële markten het moeilijk hebben en dat de waarde van de effectenportefeuille in die tijd daalt met 20%. Er zal dan nog steeds erfbelasting betaald moeten worden op één miljoen euro, maar de effectenportefeuille is slechts 800.000 euro waard. Je zou dus eigenlijk in dit geval belasting moeten betalen op vermogen dat er ondertussen niet meer is. Om dit te vermijden, heeft de wetgever in artikel 2.7.3.3.2 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit bepaalt dat men mag kiezen uit de waarde van de portefeuille op het ogenblik van het overlijden, één maand na het overlijden of twee maanden na het overlijden. Dit is uiteraard geen perfecte oplossing, maar het beschermt de erfgenamen wel tegen een beurscrash vlak na het overlijden. 

Een ander aandachtspunt bij het actief van de nalatenschap zijn goederen die zich in het buitenland bevinden: deze worden immers (meestal) niet alleen in het buitenland, maar ook in België aan de erfbelasting onderworpen. Je betaalt dus twee keer erfbelasting hierop. Gelukkig heeft de Belgische wetgever hier – het mag wel eens – zijn goed hart getoond door een belastingvermindering in te voeren. Dit houdt in dat je de buitenlandse erfbelasting mag verrekenen met de in België verschuldigde erfbelasting. 

Stel bijvoorbeeld dat de overledene in het buitenland een vakantiehuis had en dat volgende belastingen verschuldigd zijn: 

  • 15.000 euro buitenlandse erfbelasting
  • 25.000 euro Belgische erfbelasting 

In principe zou er dan 40.000 euro erfbelasting betaald moeten worden. Door deze belastingvermindering, moet er in België echter maar 10.000 euro erfbelasting betaald worden. Hierdoor zal de totale erfbelasting gelijk zijn aan 25.000 euro. 

Toen deze belastingvermindering in 2014 werd ingevoerd via artikel 2.7.5.0.4 van de Vlaamse Codex Fiscaliteit, had deze enkel betrekking op buitenlandse onroerende goederen. Op roerende goederen in het buitenland betaalde je dus wel gewoon dubbele erfbelasting. Het Grondwettelijk Hof heeft op 3 juni 2021 geoordeeld dat dit onderscheid discriminatoir is voor zover de buitenlandse erfbelasting op roerende goederen niet verrekend kon worden met de erfbelasting in België. In 2022 heeft de wetgever artikel 2.7.5.0.4 VCF dan ook moeten wijzigen, waardoor je nu ook op roerende goederen buitenlandse erfbelasting mag verrekenen.

Passief van de nalatenschap

Er zijn twee grote categorieën van schulden die aanvaard worden als passief van de nalatenschap van de schulden. Dit zijn (i) de begrafeniskosten en (ii) alle andere schulden die de overledene had op de dag van zijn of haar overlijden. 

Dit passief mag afgetrokken worden van het actief van de nalatenschap. Op het bedrag dat overblijft, zullen de erfgenamen erfbelasting moeten betalen. 

De erfgenamen die de aangifte van nalatenschap indienen, kunnen het passief van de nalatenschap op twee manieren bepalen. Ten eerste is het mogelijk om de werkelijke schulden en de werkelijke begrafeniskosten aan te tonen. Om te bewijzen dat een bepaalde schuld effectief tot het passief van de nalatenschap behoort, moeten de erfgenamen het bestaan van de schuld, het bedrag ervan en het deel dat ten laste is van de overledene bewijzen. Dit is niet altijd een eenvoudige taak.

Om bewijsproblemen te vermijden, kunnen de erfgenamen er ook voor kiezen om gebruik te maken van de wettelijke forfaits. Het gevolg hiervan is dat je geen bewijs gaat moeten leveren van schulden in hoofde van de overledene, maar dat je een vast bedrag mag aftrekken van het actief van de nalatenschap. 

  • Het forfait voor schulden bedraagt 1.839,15 euro. Dit geldt niet voor de overledene die gehuwd was onder een stelsel van gemeenschap van goederen (met andere woorden, het wettelijk stelsel en het stelsel van de algehele gemeenschap). Het forfait voor de schulden van de gemeenschap bedraagt in dat geval 3.678,30 euro. 
  • Het forfait voor de begrafeniskosten bedraagt 7.356,60 euro. 

Dit zijn de bedragen die gelden voor nalatenschappen van personen die overlijden in 2023. Deze worden jaarlijks geïndexeerd. 

Het is ook mogelijk om bijvoorbeeld voor de begrafeniskosten te kiezen voor het wettelijk forfait en daarnaast de werkelijke andere schulden te bewijzen of omgekeerd. Dit kan interessant zijn wanneer de begrafeniskosten lager zijn dan het wettelijk forfait en de werkelijke schulden hoger. 

Conclusie 

In dit artikel heb ik een korte inleiding gegeven over hoe de belastbare grondslag van de erfbelasting precies berekend wordt. Het belangrijkste om te onthouden is dat de erfbelasting berekend wordt op basis van het wereldwijd vermogen van de overledene, verminderd met de schulden die de overledene op de dag van zijn overleden nog had. Je kan ofwel de werkelijke schulden bewijzen, ofwel gebruik maken van de wettelijke forfaits. 

In het artikel van volgende week ga ik dieper ingaan op de verschillende tarieven en berekeningswijzen van de erfbelasting.

Artikels in deze reek over erven en schenken zijn:

Ook clublid worden en toegang krijgen tot alle artikels? Schrijf je hier in.

Responses

  1. Top! Bedankt Niels.
    Het sluit aan op het boek ‘Onterf de fiscus van Michel Maus’ dat ik onlangs heb gelezen.
    Helaas is dit boek niet meer verkrijgbaar wegens achterhaald omdat onze Belgische fiscale wetgeving om de haverklap wijzigt.
    Dus deze updates zijn meer dan welkom. Ik kijk al uit naar het volgende artikel.

    1. Ik heb het boek van Michael Maus ook gelezen (2016, groene kaft), zeer waardevol boek toen. Er zou een 2de herwerkte versie verschijnen in najaar 2024 (dit werd me in aug 2023 door de uitgeverij meegedeeld). Dit boek met rode kaft had al eerder moeten gepubliceerd w maar werd om onduidelijke redenen weer van de markt gehaald. Ik had toen een bestelling gedaan maar het kwam uiteindelijk niet op de markt.

      https://www.standaardboekhandel.be/p/onterf-de-fiscus-9789463938853 (niet beschikbaar)

        1. Dag Bart,
          onderstaande info kreeg ik op 29 maart 2024
          Even een update: het boek zal denk ik eerder voor begin 2025 zijn. Het concept wordt ietsje anders. Er zal een stukje de theorie inzitten rond erfrecht en successierecht en dan worden heel wat mythes en vragen over de materie behandeld. Er zal ook aandacht zijn voor het menselijke aspect want dat speelt een belangrijke rol in erven. Daarvoor zal Hilde Vanthuyne zorgen. Zij is bemiddelaar in familiezaken. Zodra ik een beeld krijg van de exacte timing laat ik je iets weten.
          Nancy De Braekeleer
          Uitgever Owl Press Legal
          gsm 0486 85 15 75
          “Nancy Debraekeleer, B&L”
          Burgstraat 18K, 9000 Gent

  2. Wanneer je de waarde van een portefeuille van de overledene mag bepalen op moment van overlijden, een maand na of twee maand na overlijden neem ik aan dat de portefeuille wordt bevroren? Of is er toch iemand die de portefeuille mag beheren.
    Wat als de portefeuille op beide namen (partners) staat?

    1. Dag Rudy,
      de portefeuille wordt bevroren. Niet zo erg voor een buy&hold, maar heel ambetant bvb als er opties inzitten die aflopen vooraleer de portefeuille terug wordt vrijgegeven. Ook op 2 namen wordt alles bevroren tot het voor de bank duidelijk is wie allemaal erfgenaam is en wat de “nieuwe eigenaars” (bvb de langstlevende 50% + de kinderen) gezamelijk willen dat ermee gebeurt.
      Ter info : wij hadden een zeer onaangename ervaring bij Bolero. Waar KBC alles vrijgaf ongeveer 1 maand na overlijden, duurde dat bij Bolero net geen 5 (vijf !) maanden, waarbij ze welgeteld 14 dagen hebben moeten wachten op onze beslissing. De administratie bij Bolero is een echte ramp (ik spreek over midden 2023), ik wens het niemand toe om dit te moeten meemaken. En wanneer ze dan de verdeling uiteindelijk klaar hebben, maken ze nog een fout van 25% in het nadeel van de langstlevende, terwijl ze alles zwart op wit op papier hadden hoe het moest : onbegrijpelijk !