Welke telecomreus kan zich het beste heruitvinden: Nokia of Ericsson?

Beursduel_Nokia_vs_Ericsson

Deze Scandinavische wereldleiders in telefonienetwerken gaan terug tot 1865, toen Nokia startte als houtpulpfabriek, en 1876, toen Ericsson begon met het repareren van telegrafen. Ook vandaag willen ze zich nogmaals heruitvinden.

Nadat Nokia het leiderschap in gsm-toestellen helemaal had verkwanseld, focusten de Finnen op telecomnetwerken. Mede dankzij de overname van Alcatel/Lucent is Nokia de wereldleider in telecomnetwerken via vaste lijnen. Vandaag worden nog volop glasvezelnetwerken voor ultrasnelle datacommunicatie aangelegd. Dat is goed voor een derde van de omzet, terwijl de divisie telecomnetwerken voor mobiele communicatie ondertussen even groot is. De wereldleider voor dit laatste is echter het Zweedse Ericsson, waar de divisie goed is voor 64 procent van de inkomsten.

Zowel de omzet als de winstmarges voor die netwerkapparatuur gaan al jaren op en neer, maar per saldo is er geen groei, eerder achteruitgang. Dat heeft ook te maken met de telecomoperatoren, die liever niet te zwaar willen investeren want ze hebben eveneens moeite om hun inkomsten en winstmarges op peil te houden. Hoewel de digitale communicatie explosief is toegenomen en wellicht zal blijven versnellen, profiteren de operatoren noch de leveranciers van de netwerkapparatuur daarvan.

(Beurskoers genoteerd op woensdag 29/10/25)

Daarvoor zoeken zowel Nokia als Ericsson andere oplossingen. Zo leveren ze al jaren clouddiensten, die ondertussen ruwweg goed zijn voor een vierde van hun omzet. Maar de winstgevendheid is nog niet zoals gewenst. Bij Ericsson maakt deze divisie nog maar net winst, terwijl Nokia hier wel beter doet maar er niet meer aan verdient dan met de netwerkapparatuur. Nokia is met de divisie Nokia Technologies wel enorm succesvol in het ontwikkelen en in licentie geven van technologie en software. Daarbij horen ook vele patenten die nog altijd gebruikt worden door producten van smartphones. Deze divisie groeide in 2024 met meer dan 70 procent en de winst verdubbelde. Nokia Technologies is ondertussen goed voor het gros van de groepswinst.

Door de opgang van AI en de enorme extra hoeveelheid datacommunicatie die ook nog eens voor een groot deel via smartphones verloopt, zijn zowel Nokia als Ericsson vastbesloten om hiervan eindelijk een evenredig graantje mee te pikken. Beiden leveren producten voor AI-datacenters. Afgelopen week werd trouwens bekend dat Nokia hierbij gaat samenwerken met Nvidia. De Amerikaanse chipontwerper neemt ook voor 1 miljard euro een belang van 2,9 procent in de Finse groep.

Zowel Nokia als Ericsson ziet ook grote kansen in apart programmeerbare netwerken, waarmee telecomoperatoren nieuwe diensten willen aanbieden aan bedrijven. Beide spelers hebben de mond vol over API (application programming interface), waarmee nieuwe dienstverleners producten kunnen lanceren op een deel van de telecomnetwerken. Ook aparte mobiele netwerken voor grote bedrijven zijn een groeimarkt.

Nokia haalt ongeveer een kwart van zijn inkomsten uit Europa en is ook sterk in de VS. China, waar Alcatel een pionier was, is nog maar goed voor 4 procent en is al voorbijgestoken door India. Ericsson is regionaal wat evenwichtiger gespreid.

Hoewel deze Scandinavische bedrijven al jaren moeite hebben om te groeien, zijn ze financieel erg solide. De nettowinst dipte in het recente verleden wel, maar de kasstroom blijft gezond. Beide groepen hebben netto miljarden cash op de bank en doen regelmatig overnames. Als apart programmeerbare netwerken een succes worden en de Scandinaviërs zich ergens een winstgevend plekje kunnen veroveren bij de AI-revolutie, kunnen deze aandelen nog positief verrassen.

Dit artikel verscheen eerder in De Standaard.

Responses