Pascal Paepen keert van de Londense CITY terug naar de stille Kempen
‘Geld is een schitterende uitvinding’
Pascal Paepen: ‘Ik ken de verhalen over seks, drugs en rock-‘n-roll. Maar ik ben heel braaf, ik heb mij daar nooit aan bezondigd.’
Begin augustus verhuist Pascal Paepen van Londen terug naar Mol. Hij blijft financieel analist voor Radio 1, maar ruilt zijn blitse job in de City voor een baantje als leraar in de Kempen. Een gesprek met een man die misschien net iets te braaf is voor de harde wereld van het grote geld.
‘Ik neem Cherry Coke’, knipoogt Pascal Paepen in de kantine, waar we de nodige frisdrank inslaan om de kelen te smeren. ‘Dat drinkt Warren Buffett ook altijd.’
Aan die beroemde Amerikaanse investeerder kan hij niet tippen. Maar na twaalf jaar in de Londense City beschikt Paepen, bekend van zijn financiële praatje op Radio 1, toch over een stevig onderbouwde kijk op de wereldmarkten. Toen hij vorige week liet weten dat hij het hier bij Daiwa Capital Markets in augustus voor bekeken houdt, was dat wel even schrikken. Wie keert er nu in godsnaam van de bruisende City terug naar de Stille Kempen?
‘Ik, dus’, lacht Paepen. ‘Ik heb hier graag gewoond en gewerkt. Maar nu keer ik even graag terug naar Mol. Ik blijf voor Radio 1 werken, maar ik ga ook lesgeven, iets wat ik altijd al heb willen doen. Uitzonderlijk is dat overigens niet, zo’n carrièreswitch. Mijn voorganger hier is uit de financiële wereld gestapt om dominee te worden. Nog een andere ex-collega heeft het een tijdje geprobeerd als boomchirurg. Al is die laatste na twee jaar wel teruggekeerd. De kans dat ik terugkeer, is heel klein. Ik ben 44, ik wil nog wel eens iets anders doen.’
Dat hij in de financiële wereld terechtkwam, heeft hij mede te danken aan een Italiaanse zakenman, zegt hij. ‘In de jaren 80 studeerde ik Germaanse filologie in Leuven. Toen Carlo de Benedetti in 1988 de Generale Maatschappij wilde overnemen, fascineerde mij dat enorm. Het aandeel van de Generale steeg van 2.000 frank naar 6.000 frank. Ik volgde het nieuws over de overnamestrijd op de radio, maar ik ben toen ook de beursbladzijden van de krant beginnen te lezen.’
Het leidde tot zijn eerste carrièreswitch. Hij stopte met Germaanse en ging bedrijfsmanagement studeren aan wat toen nog het Hoger Instituut Kempen was, in Geel. Op een jobbeurs trok hij de aandacht van de Kredietbank en een paar jaar later werkte hij als trader. ‘Ik had verwacht dat ik in een kantoor zou gaan werken’, legt hij uit. ‘Maar omdat ik geslaagd was voor de tradertest, ben ik zo begonnen en daarna hier terechtgekomen.’
Wat doet een trader?
‘Dat zijn die mensen die je altijd op de televisie ziet. Ik zat de hele dag naar een computerscherm te kijken en te bellen. Op dat scherm zie je de informatie van de markten, en aan de telefoon sta je mensen te woord die obligaties willen kopen of verkopen.’
Dat bent u dus, die ‘markten’ waar iedereen het altijd over heeft.
‘Die markten, dat zijn wij allemaal. Iedereen haat de financiële markten, want die zijn zogezegd verantwoordelijk voor alles wat misgaat. Maar het is zinloos om boos te zijn op die markten, want iedereen maakt er deel van uit.’
U toch iets meer dan ik.
(lacht) ‘Misschien, maar u ook. Wat u met uw geld doet, heeft een directe impact op de markten. U beslist elke dag om geld uit te geven of te sparen of te investeren. Al die beslissingen samen bepalen hoe de markten evolueren.’
Heeft de hebzucht van een klein onderdeeltje van die markten de crisis niet veroorzaakt?
‘Dat heeft zeker een rol gespeeld. Hebzucht en kuddegeest. Een vastgoedbubbel in de Verenigde Staten waar iedereen aan meewerkte, ook de Europese banken. Maar nu heeft hebzucht er niets meer mee te maken. Vandaag regeert de angst, dat is het tegenovergestelde van hebzucht. Beleggers durven niets te doen, omdat ze geen vertrouwen hebben in de toekomst van onze economie.’
Boos zijn op de bank, mag dat?
‘Ik ben geen onvoorwaardelijk verdediger van de banken. Maar boos zijn omdat we de banken moeten redden, heeft geen zin. En banken failliet laten gaan is geen optie, want dan stort het hele systeem in. Vandaag bibberen Amerika en China en Londen, vanwege de eurocrisis. Als één dominosteen valt, loopt iedereen gevaar.’
Toch is het wrang dat enkelingen jarenlang enorme winsten maakten, en dat vandaag de belastingbetaler daarvoor moet opdraaien.
‘Ja, dat lokt emoties uit en dat kan ik begrijpen. Daarom moet het voortaan ook anders. Banken zijn al veel kleiner. Maar we moeten ze blijven redden. Dat kost geld en dat is wraakroepend. Maar er is geen alternatief.’
Wanneer krijgen spaarders eens een bonus?
‘Er bestaat een getrouwheidspremie, maar u hebt gelijk: trouw wordt zelden beloond. Wie verschillende banken tegenover mekaar uitspeelt en om de zoveel jaar van bank verandert, doet soms betere zaken dan wie zijn hele leven bij dezelfde bank blijft. Mensen zijn zich daarvan niet bewust, maar trouw wordt afgestraft. Ook te lang bij dezelfde werkgever blijven, wordt meestal niet beloond. Dat geldt trouwens ook voor traders: er zijn er die om de twee jaar van bank veranderden, die hun bonus opstrijken als het goed gaat maar een puinhoop achterlaten als het slecht gaat.’
Hebt u veel bonussen gekregen?
‘Ik heb naar Belgische normen goed verdiend. Ik wachtte elk jaar bang de bonusdag af. Als ik er een kreeg, bedroeg die gemiddeld een half tot een volledig jaarsalaris. Dat is niet exuberant of decadent, zoals sommige andere bonussen. Maar ik heb nooit geklaagd.’
U werkte hier niet als expat. Betaalde u hier belastingen?
‘Ja. Het voordeel van een statuut als expat is dat je gratis woont. Het nadeel is dat je om de zoveel jaar van standplaats moet veranderen. Ik heb ervoor gekozen om in dienst te treden bij een Londense firma. Het hoogste belastingtarief was hier lang 40 procent, iets lager dus dan in België, maar nu is dat 50 procent.’
Bent u binnen, na twaalf jaar?
‘Dat hebben vrienden mij ook al gevraagd. Of ik kan rentenieren en daarom terug naar Mol kom wonen en ga lesgeven. Wie dat gelooft, weet blijkbaar niet hoe laag de rente staat. Zelfs als je een half miljoen euro op de bank hebt, levert dat maar een jaarlijkse rente op van 7.500 euro. Daar kun je volgens mij niet van leven.’
Misschien hebt u nog veel méér verdiend?
‘Ik heb zuinig geleefd. Ik heb zeven jaar geleden een huis gekocht in Mol, maar ik hoef geen dure auto of dure kleren. Ik zeg liever niet wat ik verdiende, want daar zit voor mij geen goede kant aan. In België zullen sommige mensen vast jaloers zijn, maar hier in de City zouden sommigen mij uitlachen.’
U bent geen haai.
‘Nee. Toen ik pas in de City werkte, merkte een collega verbaasd op dat ik toch geen macho ben. Ik ben niet zo hard.’
Geeft u daarom dit leven op?
‘Nee. Ik heb altijd gezegd dat ik dit maar een tijdje wilde doen en dan sowieso zou terugkeren naar Mol. Het afgelopen jaar zijn een aantal vrienden van mij gestorven, en dat heeft mij aan het denken gezet. Je kunt bepaalde beslissingen niet blijven uitstellen. En hier leer ik niets nieuws meer bij. Het laatste jaar is voorbijgevlogen, en elke dag leek op de vorige. Tijd om iets anders te doen.’
U had ook naar Hongkong kunnen verhuizen. Maar naar Mol?
(lacht) ‘Ja, sommige mensen zullen dat eigenaardig vinden. Maar voor mij is dat niet raar. Ik heb een sterke emotionele band met mijn gemeente. Ik heb er een huis met een tuintje en daar wil ik nu weleens gaan wonen. Ik hoor dat er in de uitgangsbuurt ook wel problemen zijn met jongeren, maar hopelijk krijgen ze dat opgelost. Misschien moeten ze in Mol meer camera’s hangen, zoals hier in Londen. Geloof me, dat werkt bijzonder ontradend.’
Waar gaat u lesgeven?
‘Dat weet ik nog niet. Ik ben aan het praten met de Katholieke Hogeschool Kempen, die deel uitmaakt van de associatie KU Leuven. Dat zou prettig zijn, daar kan ik met de fiets naartoe. Ik zal vermoedelijk ook wel wat lezingen geven, links en rechts. Over het systeem, over de crisis.’
Hoe lossen we deze crisis op?
‘Overheden moeten saneren, dat is duidelijk. Maar we hebben ook groei nodig. Op de korte termijn ben ik het dus eens met Paul De Grauwe: vandaag alleen maar besparen is nefast.’
Bent u gerustgesteld door de Europese top van de voorbije dagen?
‘Nee, we zullen weer moeten afwachten hoe de markten maandagochtend reageren. Europa doet altijd net iets te weinig, net iets te laat. En hoe langer het duurt, hoe moeilijker het zal zijn om het vertrouwen terug te winnen. De zuiderse landen hadden allang moeten hervormen, en Duitsland had allang de Europese obligaties moeten aanvaarden. Het is tragisch dat het nog altijd niet gebeurd is.’
U klinkt heel bezorgd. Hoe meer je weet, hoe ernstiger je deze crisis vindt, zo lijkt het wel.
(knikt) ‘Dat is zo. Je weet best niet te veel. Crisissen raken uiteindelijk wel opgelost. Maar het is gemakkelijker om een kleine crisis op te lossen dan een grote. Als niemand nog vertrouwen heeft in het systeem, is het om zeep.’
Moet het systeem niet grondig worden bijgestuurd?
‘Van mij mag iedereen het kapitalisme bekritiseren, zolang men er zich maar van bewust is dat er geen realistisch alternatief is. Het communisme was erger, daarvan is iedereen zich hopelijk bewust. Wie dat niet gelooft, moet maar eens naar de tekeningen van de Noord-Koreaanse strafkampen kijken.’
Het kapitalisme kent toch ook uitwassen?
‘Ja, het is soms gruwelijk, maar een beter systeem is er niet. Geld is een fantastische uitvinding. Sommige mensen willen back to basics: weer aan ruilhandel doen. Mij niet gelaten. Maar dan moet je bij wijze van spreken met een banaan naar de bakker. En als de ene bakker geen banaan nodig heeft, moet je naar de volgende. Dan ben je alleen nog maar bezig met het zoeken naar bakkers die bananen nodig hebben. Dat is het niet, hoor. Geld is een eenvoudig, perfect systeem.’
Maar het is toch zo waanzinnig slecht verdeeld.
‘Dat is waar. De verschillen mogen niet te groot worden. En het ergste is dat mensen die braaf zijn, vaak het gelag betalen. Terwijl de speculanten het grote geld verdienen. Wie niet genoeg verdient om een huis te kopen, moet steeds meer huur betalen. Wie heeft gespeculeerd met vastgoed, verdient vandaag nog altijd goed.’
Klopt het volgens u dat het Belgische vastgoed 15 procent overgewaardeerd is?
‘Dat zeggen ze al jaren. Maar de prijzen dalen niet. De Belgische situatie is anders dan de Amerikaanse. In de VS staan hele spookdorpen, die verlaten worden omdat er in die streek geen werk meer is. Belgen zijn honkvast. Er wonen ook steeds meer mensen alleen, en ouderen blijven langer thuis wonen. Allemaal redenen waarom de markt niet zal zakken. Als men huurinkomsten zou belasten, dat zou wel gevaarlijk zijn.’
Hoezo?
‘Vandaag is het interessant om veel huizen te bezitten en te verhuren. Als die huurinkomsten belast worden, komen er in één klap veel huizen op de markt. Dat zou de prijzen doen kelderen. Misschien is dat zelfs de reden waarom de overheid zo’n belasting niet invoert. Een ander risico is dat de rente stijgt. Dan zullen de prijzen ook zakken. Maar dat verwacht ik nu niet.’
Leert het recente verleden niet dat economen de toekomst niet kunnen voorspellen?
‘Het klopt dat we de omvang van de Amerikaanse vastgoedcrisis niet hebben zien aankomen. Maar sommige dingen kun je wel voorspellen. Dat ook China regelrecht een crisis tegemoet gaat, bijvoorbeeld. In steden zoals Hongkong betaalt men 15 procent belastingen. Dat zal vroeg of laat tot problemen leiden. Vandaag vangen Chinezen hun ouderen thuis op. Maar dat blijft niet duren, dus ooit zullen de pensioenen moeten worden verhoogd. Vergrijzing, de eenkindpolitiek, de lage belastingen, onbetrouwbare statistieken: die crisis kun je dus nu al zien aankomen.’
Tussen haakjes: u verhuist niet toevallig naar Mol omdat u in oktober in de politiek gaat?
‘Nee, ik ga niet in de politiek. Dat is een sector waar men voortdurend messen in elkaars rug steekt en dat is niets voor mij. Ik ben daar te weinig haai voor. Niet hard genoeg. (lacht) Ik voel mij wel betrokken bij Mol, en ik wil mij inzetten voor lokale initiatieven. Maar politiek? Nee.’
Is het dan de liefde die u terugroept naar de Kempen?
‘Nee, ik zit niet te wachten op een relatie. Ik ben altijd gelukkig geweest, ik heb mij bijna nooit eenzaam gevoeld. Ik denk dat je je in een relatie soms eenzamer kunt voelen dan als je gewoon zelfstandig leeft. Misschien ben ik dat vlak nogal egoïstisch, of te verwend, dat is mogelijk. Ik kan het mij ook permitteren om in mijn eentje een huis te kopen. Ik ben gesteld op mijn vrijheid.’
U leidt een liederlijk bestaan.
(lacht) ‘Nee, helemaal niet. Ik ken de verhalen over seks en drugs en rock-‘n-roll. Ik weet in welke buurten de coke wordt verkocht. Maar ik ben heel braaf, ik heb mij daar nooit aan bezondigd. De wilde jaren zijn ook voorbij, denk ik. Vroeger trokken bankiers met hun klanten naar de stripclubs, en werden daar de grote contracten besproken. Sinds een aantal dames daarover een rechtszaak hebben aangespannen, is dat wel veranderd.’
Hoezo, een rechtszaak?
‘Wel, er zijn al een aantal vrouwen geweest die vonden dat ze promotiekansen hadden gemist omdat ze nooit mee mochten naar dat soort clubs en avondjes. En die gelijk gekregen hebben van de rechter. Vandaag is men daar dus veel voorzichtiger mee.’
Klopt het dat u nooit de metro neemt, uit angst voor aanslagen?
‘Het is geen fobie of zo, maar ik neem zelden of nooit de metro, dat klopt. Na de aanslagen in New York, in 2001, dacht ik meteen dat terroristen in Londen op de metro zouden kunnen toeslaan. Maar dat vonden mijn collega’s onzin. Tot het gebeurde. Nee, als ik ergens snel moet zijn, neem ik de metro. Maar ik ga liever te voet. Of met de bus. Want ook fietsen is in Londen gevaarlijk.’
Voor een man in de City bent u wel héél braaf en voorzichtig.
(lacht) ‘Dat is mogelijk.’
Wat vond u ervan toen huidig SP.A-kopstuk John Crombez u en Paul D’Hoore bekritiseerde, omdat u soms onverantwoorde adviezen zou geven?
‘Crombez heeft eens kritiek gehad op een analyse die ik had gemaakt van BNP Paribas, maar hij had mij toen verkeerd begrepen, vrees ik. Hij had iets gehoord dat ik niet had gezegd. En als u dat niet gelooft, mag u mij aan de leugendetector leggen.’
Toch is het vreemd: de mensen die in de media het systeem becommentariëren, maken zelf deel uit van dat systeem. Onafhankelijk kunt u toch nooit zijn?
‘Toch wel. Toen ik pas begon op Radio 1, is er even sprake van geweest dat KBC dat wilde sponsoren. Maar dat is niet doorgegaan. Ik spreek altijd uit eigen naam. Ook mensen als Geert Noels en Ivan Van de Cloot zijn betrouwbaar. De London School of Economics wordt ook gesponsord, maar gaat Paul De Grauwe daarom zijn mening aanpassen? Er bestaan integere mensen, hoor. En van Warren Buffett heb ik, behalve een voorliefde voor Cherry Coke, nog iets onthouden: je reputatie is het belangrijkste wat je hebt. Je werkt er je hele leven aan en in één seconde kan ze om zeep zijn. Zover wil ik het niet laten komen.’
Joël De Ceulaer

Responses