Obligaties brengen rust in uw portefeuille
Overheidsobligaties blijven het sluitstuk voor wie zijn portefeuille stabieler wil maken en schommelingen wil beperken. Dat kan ook als ‘hangmatbelegger’ via ETF-obligatiefondsen met vaste looptijd. Door de grote spreiding zijn bedrijfsobligaties dan ook een optie.
Niet iedereen is evengoed bestand tegen schommelingen in zijn beleggingsportefeuille. Voor sommige mensen zijn (tussentijdse) verliezen psychologisch niet te verteren. Maar evengoed hebt u binnen afzienbare tijd (een deel van) uw vermogen nodig, bijvoorbeeld voor een grote aankoop of investering, of wanneer het pensioen in zicht is.
Obligaties kunnen dan rust brengen. U kunt die gebruiken om in te plannen wanneer er geld moet vrijkomen uit uw portefeuille. Obligatieleningen hebben behalve een uitgiftedatum en een vaste datum voor de rentebetaling ook een afloopdatum, zodat u weet wanneer uw geld wordt terugbetaald. Die laatste datum hoeft zelfs niet precies samen te vallen met het moment waarop u het geld nodig hebt. In de praktijk is ‘ongeveer’ voldoende. Via een goedkope broker kan u daarnaast ook delen van uw obligatiebeleggingen verkopen, zonder al te veel kosten.
Rechtstreeks in overheidsobligaties
De meest voor de hand liggende vastrentende belegging is individuele overheidsobligaties te kopen. Die markt is toegankelijker dan vele mensen denken, als u zich beperkt tot overheidsobligaties van rijke landen (zoals EU-lidstaten). Het gaat meestal over grote emissies, zodat u keuze hebt uit vele goed verhandelbare obligaties. En als u onverwacht geld nodig hebt, kan u snel verkopen.
In een vorig artikel gaven we het voorbeeld van een Belgische staatsobligatie op vijf jaar. Intussen heeft kredietbeoordelaar S&P de vooruitzichten voor België op negatief gezet, maar dat had amper impact op de waarde van de Belgische staatsobligaties. Die is zelfs wat gestegen. Het is niet nodig om sterk te spreiden met overheidsobligaties van de meest kredietwaardige landen. Stel dat er toch (terug)betaalproblemen zouden ontstaan, dan zal het om een majeure crisis gaan en ben je nergens veilig. Ook niet bij bedrijfsobligaties, waar u sowieso wel moet diversifiëren. Bovendien zijn die vaak moeilijker verhandelbaar.
Fiscaal zijn individuele obligaties vaak het meest voordelig. Op de rente betaal je momenteel 30 procent roerende voorheffing, en klaar. De door de regering geplande meerwaardebelasting van 10% zal normaal ook van toepassing zijn op individuele obligaties. Maar de meerwaarde is meestal beperkt, behalve bij obligaties met zeer lage coupon. Dan nog is het interessanter om 10% meerwaarde te betalen, dan 30% op de rente.
Alternatief: obligatiefondsen
Maar u kunt ook kiezen voor obligatiefondsen. Dat zijn beleggingsfondsen die uitsluitend investeren in obligaties. Klassieke obligatiefondsen worden dynamisch beheerd, zo kunnen ze actiever gaan voor extra rendement en meerwaarde. Een nadeel is dat je op voorhand moeilijk kan inschatten wat het finale rendement zal zijn. Zo’n fonds blijft permanent doorlopen, zodat het moment waarop u verkoopt mee uw opbrengst bepaalt.
Een alternatief zijn obligatiefondsen met vaste looptijd (”maturity”). Die willen het voordeel van een individuele obligatie (bekend rendement tot vervaldag) combineren met dat van een fonds (spreiding). Door de spreiding over vele obligaties komen ook bedrijfsobligaties binnen het bereik van voorzichtige beleggers.
Obligatiefondsen worden momenteel belast met de zogenoemde ‘Reynderstaks’, een belasting van 30% op de winst die je maakt als je een obligatiefonds verkoopt. Volgens de nota van minister van Financiën Jan Jambon (N-VA) is het de bedoeling ze af te schaffen. Dat lijkt logisch, want ook dat is een meerwaardetaks. Verwacht wordt dat de ‘Reynderstaks’ (die alleen geldt op het obligatiegedeelte van het beleggingsfonds) vervangen wordt door een heffing van 10% op de volledige meerwaarde van de fondsen.
Voor de ‘hangmatbelegger’
Recent zijn er ook heel wat ETF-trackers uitgegeven die een obligatie-index met vaste looptijd volgen. In de praktijk gaat het meestal om indices met obligaties die in eenzelfde jaar aflopen. Als de laatste obligatie wordt terugbetaald, loopt ook de ETF-tracker af en krijgt u uw geld teruggestort.
Bedrijfsobligaties leveren door het hogere risico een wat hogere rente op dan overheidsobligaties. Hoewel dat verschil vandaag beperkt is, kan het toch de moeite zijn als het risico breed wordt gespreid via een fonds. We hebben het dan over obligaties uit de beste kredietcategorie “investment grade”. Niet over hoogrentende of “high yield” obligaties, die eerder richting aandelenrisico neigen.
De voordelen van “maturity” obligatietrackers zijn de spreiding, de lage kosten en het feit dat je op voorhand ongeveer het rendement kent, echt iets voor de passieve belegger. In de praktijk verschilt dat rendement wel een beetje, afhankelijk wanneer je instapt. Een overzicht van die rendementen zul je moeilijk vinden, daarvoor moet je gaan zoeken bij de uitgevers van de trackers, zoals iShares.
Drie voorbeelden
Geert Junius, expert fondsen en obligaties bij Spaarvarkens.be, selecteerde drie interessante bedrijfsobligatietrackers. Hij gebruikte als selectiecriteria: ETF’s in euro, bedrijfsobligaties in de kredietcategorie “investment grade” uitgegeven in euro, kapitalisatietype met een beurstaks van 0,12% en te verhandelen via de brokers Bolero of Saxo. Hij koos voor een middellange looptijd van vijf à zeven jaar (dus met vervaldagen in 2030 tot 2032).
1. iShares iBonds Dec 2030 Term EUR Corp (ISIN-code IE000Y2BJVK9 – noteert in Milaan)
De portefeuille heeft een rendement tot vervaldag (gewogen gemiddelde YTM) van 3,11% (23 april 2025). Wie een belegging overweegt, zoekt best de actuele stand op bij uitgever iShares (Blackrock). Jaarlijkse fondskosten: 0.16%. De portefeuille heeft 245 posities die vervallen in 2030. Het beheer is passief, er wordt een specifieke index gevolgd.
2. Xtrackers II Target Maturity Sep 2031 EUR Corp B (LU2673523135 – noteert in Frankfurt)
De portefeuille heeft een rendement tot vervaldag (gewogen gemiddelde YTM) van 3,28% (24 april 2025). Jaarlijkse kosten: 0.12%. De portefeuille heeft 267 posities die vervallen tussen oktober 2030 en september 2031. Het beheer is passief, ook hier wordt een specifieke index gevolgd. Veel info is beschikbaar via de ETF-site van DWS.
3. BNP Paribas Easy Sustainable EUR Corporate Bond 31 December 2032 UCITS ETF (LU2823895847 – noteert op Euronext Parijs)
De portefeuille heeft een rendement tot vervaldag (gewogen gemiddelde YTM) van 3,31% (25 april 2025). Jaarlijkse kosten: 0,15%. De portefeuille heeft 168 posities die vervallen in 2032. Het beheer is passief, ook hier wordt een specifieke index gevolgd. Veel info is beschikbaar via de site van BNP Paribas AM.
Responses