Hopen op de recessie die niemand wil voorspellen
De grillen van Amerikaans president Donald Trump hebben ook afgelopen week tot onzekerheid op de beurzen geleid. Zijn tegenstanders moeten supporteren voor een recessie – dat zouden de Amerikanen hem immers nooit vergeven. Alleen durft niemand nog een economische terugval aan te kondigen.

Net nu Wall Street weer uit het rood was gekropen, gaf de regering-Trump er deze week opnieuw een lap op. Eerst keurde het Huis van Afgevaardigden de nieuwe begrotings- en belastingwetten nipt goed, waardoor de verontrustende klim van de Amerikaanse schulden niet zal worden afgeremd. Prompt moest de Amerikaanse schatkist meer dan 5 procent rente bieden, opdat beleggers toch maar nieuwe obligaties met een looptijd van 20 jaar zouden willen kopen. Een koopkans, volgens de Bank of America, want finaal zal de regering wel (moeten) toegeven aan de zorgen van beleggers.
Dat blijft de finale rationale afweging. Sommige analisten dachten dat de waarschuwing van de financiële markten in april, nadat Trump II haar draconische importtarieven had ingevoerd, voldoende zou zijn om een meer bedaard beleid te forceren. Door de tijdelijke opschorting van de hoogste handelstarieven en de (al dan niet voorlopige) akkoorden met China en het VK, kwamen de aandelenmarkten hun forse dip in amper een maand weer te boven.
“Beleggers zijn te zelfingenomen met hun vertrouwen”, reageerde Jamie Dimon, topman van JPMorgan Chase, op de herstelde beurzen. Allicht gaf dat Trump het vertrouwen om vrijdag plots te dreigen met een tarief van 50 procent op alle invoer uit de EU. In een moeite wil hij een tarief van 25 procent op iPhones die niet in de VS zijn gemaakt.
Waarnemers doen de nieuwe uitval van Trump af als zijn typische onderhandelingsretoriek. Toch gingen de Europese beurzen vrijdag even 2 procent in het rood, en kende ook Wall Street een dipje. Gedurende de week verloren Amerikaanse aandelen zo’n 3 procent, terwijl Europese aandelen rond de 2 procent naar beneden gingen. De weerstand van beleggers tegen slecht nieuws is, na vele jaren van stijgende beurzen, nochtans best groot. “Het komt wel goed”, is het devies. En op lange termijn is dat juist, maar af en toe is er een afkoeling of zelfs een grote crisis nodig – zoals de natuur ook gezuiverd wordt door de winter.
Trump neemt grote risico’s. Volgend jaar wordt het Huis van Afgevaardigden en een deel van de Senaat (her)verkozen. Ironisch genoeg heeft Trump, door zoveel onzekerheid te zaaien, net flink geholpen om de olieprijs naar een lage 60 dollar per vat te duwen. Van zijn belofte ‘Drill baby, drill’ zal dus niets in huis komen. De lage olieprijs kan wel helpen om de gevreesde inflatie in de VS te dempen, al kondigden bedrijven als Walmart en Nike al aan dat ze hun prijzen zouden verhogen.
Wie wil dat de Trump II-revolutie geen volledige vier jaar gaat duren, moet supporteren voor een nakende recessie. Dat zullen de Amerikanen niet vergeven. Doordat analisten vorige jaren al een paar keer een recessie voorspelden die er niet kwam, durft niemand nog een zware economische terugval aankondigen. Vaak is dat een teken dat die nu wel voor de deur staat.
Dit artikel verscheen eerder in De Standaard
Ja Jan, ziet er zo naar uit, en het zou best zijn, een recessie of sterkere correctie, de bomen groeien niet tot aan de hemel, hopelijk komt er nadien dan een stierenmarkt liefst iets trager dan. Maar zolang die Trump eraan is nog veel ups en downs is ook mogelijk.