Beleid geeft gas en remt tegelijk: wat betekent dat voor beleggers?
Zelfs doorgewinterde beleggers krabben zich in de haren. De markten gaan alle richtingen uit. Hoe komt dat en wat staat de beleggers te wachten? We zochten drie ervaren economen/marktstrategen op voor verklaringen en advies.
De inflatie zakt, maar op de aandelen- en obligatiemarkten is daar niets van te merken. Integendeel, de langetermijnrente op overheidsobligaties van tien jaar in zowel de VS als Italië holt naar 5% of heeft dat hoge niveau al bereikt. Zelfs Duitsland, waar de rente lang onder nul bleef, betaalt nu 3%. Op de aandelenmarkten heeft het optimisme plaats geruimd voor pessimisme, hoewel de Amerikaanse economie blijft draaien en de groeiverwachtingen zelfs werden verhoogd.
Hoe vallen die tegengestelde trends te verklaren? En hoe gaat u nu best om met uw spaargeld en beleggingsportefeuille?
Economie loopt gesmeerd
‘Het gaat vooral beter dan verwacht met de Amerikaanse economie. In Europa is de industrie wel in een recessie beland’, zegt econoom Bart Abeloos van Crelan. Uitgerekend in het land waar de rente al het meest is verhoogd, blijft de groei het meest op peil. Dat is opmerkelijk. ‘De impact van de hogere rente komt er met een grotere vertraging dan vroeger’, verklaart Peter Vanden Houte, hoofdeconoom van ING België. Marktstrateeg Philippe Gijsels van BNP Paribas Fortis beaamt en spreekt over een periode van minstens 18 tot 24 maanden vertraging. ‘Dus de impact moet nog komen.’
Vanden Houte: ‘De bedrijven hebben hun schulden tegen een lage rente verlengd en de gezinnen hebben nog geld over van de steunmaatregelen door de overheid tijdens de coronapandemie. Bovendien is de werkloosheid in de VS heel laag en klimmen de lonen. Volgens Bart Abeloos ‘is het strafste van alles dat de Amerikaanse overheid geld blijft spenderen alsof ze een zware crisis moeten bestrijden. Dat zie je aan het grote overheidstekort van 6%’. De winstontwikkeling van bedrijven blijft relatief goed op peil, voegt Gijsels toe.
Inflatie: spook in of uit de fles?
In augustus tikte de ‘core personal consumption index’ in de VS amper hoger met 0,1%: dat is de kleinste toename van deze inflatiemeter in bijna drie jaar. Versus een jaar geleden is het prijspeil nog 3,9% hoger. Dit is de favoriete inflatiemeter voor de Amerikaanse centrale bank, maar de markten reageerden niet opgelucht. Ons trio economen zegt unisono dat de centrale banken zich hebben miskeken op de uit de hand gelopen inflatie. ‘Ze willen de hollende prijzen niet nog eens onderschatten.’ Bovendien blijft de arbeidsmarkt in de VS heel krap. Zowel Gijsels als Abeloos wijst naar de looneisen in de autosector, ‘die enkele jaren geleden ondenkbaar waren’. Bovendien is de olieprijs weer aan het klimmen. De centrale banken blijven dus nog op de rem staan.
Rente en schulden omhoog
Na de verhoging van de beleidsrente zijn nu vooral de obligatierentes (leningen op lange termijn) aan het klimmen. Meer dan verwacht, geeft Philippe Gijsels toe. ‘Ik dacht dat 4,1% wel de top zou zijn voor de Amerikaanse 10-jarige overheidsobligaties, maar we hebben al 4,7% bereikt.’
‘Beleggers zijn de risico’s om op langere termijn te beleggen aan het herprijzen’, verklaart Abeloos. Tot voor kort was vooral de rente op korte termijnen gestegen en lag die zelfs hoger dan de langetermijnrente. Dat is duidelijk aan het veranderen. Abeloos: ‘Vooral de reële rente is nu aan stijgen (rente minus inflatie, red.). Dat maakt geld lenen echt duurder. En moeilijker voor wie nog wil lenen.’
De economen wijzen ook naar de snel toenemende schulden van de VS. Met een begrotingstekort van 6% voor een grote economie als de Amerikaanse kan er een enorme sneeuwbal gaan rollen. Als de rente langer hoog blijft, dikt de schuldenberg van 33.000 miljard dollar met 3.000 miljard dollar per jaar aan. En dan te denken dat het massale stimulusplan met de ironische naam ‘Inflation Reduction Act’ nog lang niet op kruissnelheid is.
Tot overmaat van ramp is er iets loos met de vraag naar Amerikaanse schulden. Gijsels: ‘De VS zijn drie belangrijke klanten voor die obligaties aan het verliezen. Grote buitenlandse kopers, zoals China, bouwen hun Amerikaanse beleggingen af. Ten tweede zijn de banken terughoudend: ze willen het risico van langlopende obligaties afbouwen. En ten derde: de Amerikaanse centrale bank kocht sinds de financiële crisis van 2009 bijna permanent massaal Amerikaanse obligaties op, maar die reusachtige koper is nu een verkoper geworden, want de Fed wil de berg aan treasuries verminderen.’
Als zowel aanbod als vraag in tegengestelde richting evolueren, moet de prijs naar beneden. Obligaties zakken dus in waarde en de rente schiet hoger.
Beleggen: vastrentend en dividendaandelen
Het is geen verrassing dat een ‘neutrale’ portefeuille bij zowel ING, BNP Paribas Fortis als Crelan meer plaats geeft aan obligaties en cash ten nadele van aandelen. Abeloos: ‘Vooral in Europa zien we zowel bij overheidsobligaties als investment grade bedrijfsobligaties (met hoge kredietwaardigheid) interessante mogelijkheden.’
Ook BNPP Fortis maakt meer plaats voor obligaties. Toch wijkt geen van de drie banken sterk af van pakweg 45 à 50% voor zowel obligaties als aandelen en 5% voor cash. Bart Abeloos: ‘Het is gevaarlijk om die diversificatie te beperken. Zelfs al komt in een crisis soms alles naar beneden en werkt de spreiding niet. Daarna komt er herstel. Aandelen zijn vandaag allesbehalve duur, op de grote Amerikaanse techbedrijven na dan.’
Peter Van den Houte verwijst ook naar de vele Europese aandelen met een aantrekkelijk dividendrendement, van pakweg 5 à 6%, of zelfs hoger. Een perfecte timing is onmogelijk. Maar geleidelijk instappen in de gepaste obligaties en aandelen is het devies bij de drie economen.
Wat is jouw devies of heb je vragen: stel ze hieronder en in ‘De Week van Jan’ van volgende vrijdag om 20.00 uur beantwoord ik ze graag. Of al hieronder. Clubleden mogen natuurlijk ook antwoorden!
Mooi artikel Jan!
Lange termijn holdings met een mooi dividendrendement is zowat 40% van m’n portfolio voor het moment 🐷