Amerikaanse centrale bank verlaagt de rente. Hoe kan je daaraan verdienen als belegger?

Amerikaanse vlag_Canva

De Amerikaanse centrale bank verlaagde woensdagavond zoals verwacht de kortetermijnrente in dollar. De ‘Federal Reserve’ (Fed) hanteert nu een tarief van 3,50% tot 3,75%. Voordien was dat nog 3,75% tot 4,00%. Het is al de zesde renteverlaging op rij. Waarom verlaagt de Fed de rente? Zijn er nog rentedalingen op komst? En heeft de rentedaling ook gevolgen voor ons als consument, spaarder of belegger? Pascal Paepen legt uit en adviseert wat te doen met uw centen.

Mid-2024 bedroeg de rente in dollar nog 5,25% tot 5,50%. Die relatief hoge rente was nog een gevolg van de strategie van de Amerikaanse centrale bank om vooral de hoge inflatie aan te pakken. In juni 2022 piekte die nog op 9,1%. Op een jaar tijd werden diensten en producten in de VS dus gemiddeld zoveel duurder. Een renteverhoging zet druk op die hoge prijzen omdat ze lenen en investeren duurder maakt en sparen aantrekkelijker. De Fed is alvast geslaagd in haar opzet, want in april bedroeg de inflatie in de VS nog maar 2,3%. Dat was amper hoger dan het 2% niveau dat centrale banken beschouwen als de ideale inflatie. Toch twijfelde het team van Fed-voorzitter Jerome Powell lang om de rente te verlagen. Het leek er aanvankelijk op dat de dollarrente deze maand niet zou dalen. Maar de centraal bankiers hebben zich dus bedacht.

Meer duiven dan haviken

Terwijl de Europese Centrale Bank op een jaar tijd de referentierente in euro halveerde van 4% tot 2% bleven de Amerikaanse collega’s lang talmen. Ze waren vooral bang voor de Trump-factor. De Amerikaanse president liet al bij zijn aantreden weten de importtarieven fors te zullen optrekken. Op  2 april, door Trump omgedoopt tot ‘Liberation Day’, kondigde hij inderdaad aan de invoerbelastingen voor zowat alle landen te verhogen. Maar dankzij de lage olieprijs bleef het effect op de inflatie al bij al beperkt. Bedroeg die in april nog 2,3%, dan steeg die in september maar tot 3%. Dat is te hoog, maar die stijging is beperkter dan wat economen hadden verwacht.

Ondertussen worden er in de VS minder jobs gecreëerd en stijgt de werkloosheid. Dat is de reden voor de centraal bankiers om nu meer bezorgd te zijn over de economie en de werkloosheid dan over een te hoge inflatie. Vandaar de rentedaling. De beslissing was niet unaniem. Van de 12 leden van de Fed die beslissen over de dollarrente waren er 9 die akkoord gingen met een verlaging van 25 basispunten (0,25%). Eén beleidsmaker stemde tegen omdat hij een nog grotere rentedaling wou, twee wilden de rente niet laten zakken. Die twee worden ‘haviken’ genoemd. Dat zijn centraal bankiers die vooral bezorgd zijn om de inflatie en om die reden liever een hoge rente hanteren. Maar het zijn de ‘doves’ (duiven) die nu in de meerderheid zijn. Dat zijn de centraal bankiers die nu vooral geven om de economische groei en de werkgelegenheid en om die reden een lagere rente willen.

Beurzen hoger

De lagere rente maakt lenen goedkoper en is om die reden goed nieuws voor de Amerikaanse economie. Volgens de Fed zou de economie volgend jaar trouwens 2,3% kunnen groeien. Dat is iets meer dan een vorige prognose. Beleggers horen dat graag en kochten na de aankondiging van de Amerikaanse centrale bank aandelen. Daardoor wonnen de S&P 500 en de Nasdaq respectievelijk 0,7% en 0,3%. Tot dusver dit jaar bedraagt de winst op Wall Street al 17,1% voor de S&P 500 en zelfs 22,5% voor de Nasdaq. Daar kan eventueel nog wat bijkomen, zodat we kunnen spreken van een eindejaarsrally op de Amerikaanse beurzen.

Het is opvallend dat de beurzen stijgen, want de rentedaling in de VS was algemeen verwacht. Gewoonlijk is er dan geen reactie of zelfs een terugval. Dat beleggers toch positief reageren ligt dan ook aan de bijkomende informatie die Fed-voorzitter Jerome Powell nog meegaf. Hij stelt dat de markt niet meteen moet rekenen op nog meer renteverlagingen. Dat horen beleggers minder graag. Maar tegelijkertijd stelt hij dus dat de economie meer dan verwacht zal groeien. Zo mogelijk nog belangrijker is dat de Amerikaanse centrale bank ook iets wil doen aan de hoge langetermijnrente in dollar. Daarom zal de Fed voor 40 miljard dollar Amerikaanse staatsobligaties inkopen. Vrijdag start men met die aankopen. Zulke aankopen moeten de prijzen van de obligaties verhogen, waardoor de rente daalt.

Nieuwe voorzitter

Wall Street kijkt ook al uit naar de opvolger van Jerome Powell. Powell werd in februari 2018 door Trump aangesteld als voorzitter van de Fed. Maar de liefde blijkt nu bekoeld. Zijn opvolger wordt wellicht Kevin Hassett, nu nog directeur van de Nationale Economische Raad. Die zou erop kunnen aansturen om de kortetermijnrente nog meer te verlagen, richting 3%, en nog meer obligaties op te kopen zodat ook de langetermijnrente in dollar niet oploopt.

Welke aandelen?

Een relatief hoge inflatie en een lagere rente ondersteunen in principe de prijzen voor goud en zilver. In dollar steeg goud dit jaar al 57%, terwijl zilver tot dusver dit jaar exact 100% meer waard werd. Donderdagochtend noteerden beide metalen een half procent goedkoper, maar niet ver van hun historische recordkoersen. Een lagere rente is ook goed nieuws voor de banken. Zij hebben nu immers een nieuw excuus om ook de rente op de spaarrekening te verlagen. Woensdagavond werd het aandeel van JP Morgan alvast 3,2% duurder. Concurrent U.S. Bancorp werd zelfs 3,9% meer waard. Op een jaar tijd kon de S&P 500 Banks Index al 20% stijgen. Wie wil inspelen op nog hogere koersen van Amerikaanse bankaandelen kan dat met een belegging in een ‘tracker’. De ETF iShares S&P US Banks kost momenteel 6,45 euro op de beurs van Frankfurt en steeg dit jaar amper 3,9% omdat de daling van de dollar de koerswinst van de Amerikaanse bankaandelen uitveegde. Nog slechter presteerden de trackers die de aandelen van huizenbouwers opvolgen. De iShares Trust US Home Construction (isin US4642887529) verloor op een jaar tijd 12% in dollar en in euro zelfs 21%. Maar gisteren kon de koers van de ETF alvast 3,2% stijgen. Die stijging is logisch. Als de Amerikaanse centrale bank erin slaagt om met de inkoop van obligaties de langetermijnrente onder bedwang te houden, dan is dat goed nieuws voor wie een huis wil bouwen en daarvoor een hypotheeklening met vaste rente wil aangaan. De ETF sloot woensdagavond aan 102,17 dollar of omgerekend 87,32 euro.

Dit artikel verscheen eerder op HLN.be.

Responses

  1. Dag Pascal, waarom spreken ze van een tarief van 3,50% tot 3,75%, en niet gewoon 3,50% of 3,75% ? Hoe moeten we dit interpreteren ? En is het alleen de FED die dat doet ? Of doen alle/meer centrale banken dat ?

    1. Ann, volgens mij is het een gebruik dat vooral de FED doet. Het is mogelijk dat andere centrale banken het hebben overgenomen. Bij de ECB kijken we vooral naar de “depositorente” als referentie (kortetermijn) rente. Die bedraagt nu 2%. Het is de rente die banken krijgen voor hun (verplicht aan te houden) cash bij de centrale bank. Zeg maar de spaarboekrente die banken krijgen van hun bank (de ECB). Hiermee houden commerciële banken rekening om op hun beurt de (nog lagere) rente voor kortetermijn deposito’s (spaarrekeningen) te bepalen. Waar we zelden van horen is de tarieven die de ECB tegelijkertijd zijn voor de financiering van banken, dus wanneer commerciële banken geld willen lenen van de ECB. Die tarieven zijn, afhankelijk van de tijd en het klimaat, een kwartje of een halft of driekwart of … procent hoger dan de depositorente.
      De FED heeft ook zo’n “depositorente” in dollar. Die rente betaalt de centrale bank aan de Amerikaanse banken die verplicht dollars in cash moeten aanhouden bij hun centrale bank. Dat tarief heet de “Interest on Reserve Balances (IORB). Die rente bedraagt sinds mid vorige week 3,65%. Maar de intrest die de FED in the picture zet, is niet deze rente. Wel de “FED Funds rate”. Dat is het tarief waaraan banken elkaar geld lenen voor 1 dag (overnight). Zit nu inderdaad in een range van 3,50% tot 3,75%. Is niet gefixt op 1 vast percentage zodat de centrale bank nog een klein beetje flexibiliteit heeft. In die bandbreedte laat de FED de rente schommelen. Mar het effect dat beide centrale banken willen veroorzaken is uiteraard hetzelfde: meer goedkoper geld bij renteverlagingen of geld lenen duurder maken bij renteverhogingen.
      Pascal