-
Lap. Ik moest weer contrair willen doen…
HLN, 30-aug 2025: Verkoop zonnepanelen keldert: “Monsterrendement is definitief verleden tijd”
Zonnepanelen golden jarenlang als de slimste investering die een gezin kon doen: gratis stroom, een flinke hap uit de energiefactuur en relatief snel terugverdiend. Maar anno 2025 lijkt de glans eraf. De verkoop keldert en energie-expert Maxime Sonkes (Mijnenergie.be) ziet een duidelijke reden. “Een monsterrendement is definitief verleden tijd.” Maar er zijn mogelijkheden om je opbrengst te verhogen.
Sven Ponsaerts 30-08-25
In de eerste vijf maanden van dit jaar kwamen er in Vlaanderen 17.438 nieuwe huishoudelijke zonnepaneelinstallaties bij. Dat zijn er liefst 15.000 (46%) minder dan in dezelfde periode vorig jaar, blijkt uit cijfers van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA).
Heeft bijna elk geschikt dak inmiddels al panelen? Of vinden gezinnen de investering simpelweg minder aantrekkelijk nu de terugdraaiende teller verdwenen is en het injectietarief voor overtollige groene stroom zo laag ligt?
Voor Maxime Sonkes, energie-expert bij Mijnenergie.be, lijkt zonnepanelen plaatsen op het eerste gezicht een no-brainer, zeker nu de prijs van een installatie gehalveerd is tegenover vijf jaar geleden. “Met de stijgende energieprijzen en de verwachting dat stroom de komende twintig jaar alleen maar duurder wordt, lijkt de investering mij voor een huiseigenaar op het eerste gezicht vanzelfsprekend, als je er de middelen voor hebt.”
Maar is de investering vandaag ook werkelijk financieel interessant? Sonkes dook in de cijfers, en kwam met enkele opmerkelijke bevindingen. Zijn berekeningen vertrekken van een gemiddeld gezin met een jaarlijks verbruik van 3.500 kWh. Zonder zonnepanelen betaalt dat gezin over twintig jaar gezien – de levensduur van een zonne-installatie – jaarlijks zo’n 4.480 euro aan elektriciteit. Mijnenergie.be gaat er hierbij van uit dat de stroomprijs de komende jaren zal stijgen en binnen veertien jaar tot het dubbele zal zijn opgelopen.
Legt datzelfde gezin tien zonnepanelen met een productiecapaciteit van 3.600 kWh, dan zou hen dat nu ongeveer 4.000 euro kosten. “Met de opgewekte groene stroom die het gezin meteen zelf verbruikt, en de injectievergoeding die het krijgt voor het deel dat op het net wordt gestuurd, bespaart het 20 jaar lang jaarlijks gemiddeld 533 euro op de elektriciteitsfactuur. De terugverdientijd van de investering bedraagt hierdoor goed zeven jaar, met een jaarlijks rendement van 13,3%.”
Terugdraaiende teller
Een rendement van 13% klinkt misschien mooi, maar Sonkes noemt het toch “zeer teleurstellend” in vergelijking met de tijd van de terugdraaiende teller. Daarmee konden gezinnen hun overtollige groene stroom op minder zonnige momenten gewoon opnieuw van het net halen. Vandaag moeten ze die opnieuw aankopen aan gemiddeld 37 cent per kWh (distributiekosten en taksen inbegrepen), terwijl de injectievergoeding slechts rond de 4 cent schommelt. “Met de terugdraaiende teller zou ons gezin jaarlijks 1.352 euro besparen, tweeënhalf keer zoveel. Het rendement lag toen boven de 30%. Dat enorme verschil verklaart perfect waarom de interesse in zonnepanelen zo sterk is teruggevallen.”
Thuisbatterij als plus
Een dergelijk rendement is definitief verleden tijd. Maar volgens de expert van Mijnenergie.be zijn er wel mogelijkheden om het wat op te krikken. “Wie een elektrische wagen thuis met groene stroom kan opladen, kan de installatie nog sneller terugverdienen. Daarbij helpt het als je over een thuisbatterij beschikt die (overtollige) groene stroom kan leveren.”
Een batterij van 5 kWh kost zo’n 4.700 euro. Daarmee stijgt het zelfverbruik van een gezin van 27 naar 60%. “Dat betekent een bijkomende besparing van 120 euro per jaar, bovenop de 533 euro van de zonnepanelen. In totaal bespaar je dus 653 euro per jaar, ofwel 14,6% op je stroomfactuur”, legt hij uit.
In zijn berekeningen houdt Sonkes rekening met een levensduur van tien jaar. Inmiddels zijn er producenten die tien jaar garantie geven op hun batterijen, en op een levensduur van 20 jaar mikken. “In werkelijkheid kan het financiële rendement dus hoger liggen. Al is een batterij in ons klimaat vooral in de zomer rendabel.”
Volgens Sonkes is het duidelijk: “Zonder terugdraaiende teller is een batterij eigenlijk onvermijdelijk als je een aantrekkelijk rendement wil behouden.”
Conclusie: minder rooskleurig, maar niet nutteloos
Van hyperinteressant naar vergelijkbaar met een degelijk beursrendement: zo omschrijft Sonkes de evolutie van zonnepanelen in Vlaanderen. “Het rendement ligt vandaag veel lager dan vroeger, maar je weet dat je investering na verloop van tijd terugkomt in lagere energiekosten. Bovendien bieden zonnepanelen meer zekerheid dan de beurs. Normaal krijg je daarbij op het eind van de rit bovenop de beurswinst je geld wel terug, dat is niet zo bij een groene investering die na twintig jaar versleten is.”
Log in to reply.