Na de bel: iets kopen en achteraf betalen, het lijkt onschuldig
Kopen en achteraf betalen
Het is een trend die niet te stoppen lijkt. Steeds meer mensen gebruiken betaaldiensten waarmee ze vandaag boodschappen kunnen doen en pas later moeten betalen. Voor de eerste termijn betaalt de klant niet extra, dat doet de winkelier. Die heeft er immers baat bij dat de klant zijn aankoop niet uitstelt. Maar zodra de eerste termijn verstreken is, komen de kosten van een laattijdige betaling wel bij de klant terecht. En die kunnen soms flink oplopen. De Zweedse betaaldienst Klarna maakte dinsdag zijn eerste kwartaalcijfers bekend sinds het bedrijf in september naar de beurs trok. De firma genereerde een kwartaalomzet van 903 miljoen dollar. Dat is een groei van meer dan 26 procent ten opzichte van een jaar eerder. De populariteit van ‘buy now, pay later’-betaaldiensten is een mogelijk alarmsignaal van hoe het gesteld is met de consument en de economie. Wanneer mensen krap bij kas zitten, zijn ze meer geneigd gebruik te maken van dergelijke diensten. ‘Buy now, pay later’ is eigenlijk een ander woord voor lenen. Let altijd op met schulden. Geld lenen kost ook geld.
Umicore deelt in de klappen
De Brusselse sterindex Bel20 verloor dinsdag 1,5 procent. De grootste verliezer binnen de index was Umicore. Het aandeel van de Belgische grondstoffen- en recyclagegroep verloor op een dag ruim 14 procent van zijn beurswaarde. Dat komt doordat een van de grootste aandeelhouders van Umicore, de industriële holding GBL, dinsdag communiceerde dat het de helft van zijn positie, zo’n 19,9 miljoen aandelen, oftewel 8 procent van het uitstaande kapitaal van Umicore, had verkocht via een blokorder. Dat is een versnelde transactie buiten de beurs, doorgaans aan een korting en gericht op één of meerdere grote institutionele investeerders. De holding deed de transactie in het kader van een strategieverandering waarmee ze haar portefeuille wil vereenvoudigen. Eerder deze maand verkocht GBL al een aanzienlijk deel van de positie in private-equityfondsen met als doel rechtstreeks te gaan investeren in private equity. GBL hoopt daarmee aantrekkelijke rendementen te behalen voor de aandeelhouders. Dat is nodig, want de afgelopen vijf jaar trappelde de holding ter plaatse.
Nog geen vrede in zicht
Volgens Rheinmetall is het nog niet meteen gedaan met defensie-investeringen binnen Europa. De Duitse fabrikant van militair materieel hield dinsdag een beleggersdag en maakte bekend dat de omzet wellicht zal vervijfvoudigen tegen 2030. In 2024 bedroeg de jaaromzet van de firma nog net geen 10 miljard euro. Tegen 2030 zou dat cijfer dus stijgen tot 50 miljard euro. Dat komt volgens Rheinmetall omdat Europa 30 jaar lang te weinig heeft geïnvesteerd in defensie en nu een inhaalbeweging moet maken. Volgens de Duitse firma zijn die investeringen broodnodig en is de Russische dreiging aan de NAVO-grens reëel. Als Europa zichzelf niet snel herbewapent, sluit de firma een grote pan-Europese oorlog binnen vijf jaar niet uit. De defensiesector valt de laatste tijd enorm in de smaak bij beleggers. Op een jaar tijd steeg het aandeel van het bedrijf met bijna 200 procent. Maar op de omzet- en toekomstvoorspellingen van Rheinmetall reageren beleggers voorlopig veeleer terughoudend.
Responses