Crowdfunding voor Balls & Glory
Opnieuw lanceert populair restaurant een crowdfunding: hoe werkt het? En is dat veilig?
Met een heus evenement start gehaktballenketen Balls & Glory donderdagavond een crowdfundingscampagne om een nieuw restaurant te kunnen openen. Wie meedoet wordt een “sexy rendement” beloofd. Maar wat houdt dat nu precies in, zo’n funding? En zijn er gevaren verbonden aan zo’n investering?
Met een Ambassador’s Night trapt Balls & Glory donderdagavond een nieuwe crowdfundingscampagne op gang. De populaire restaurants zijn intussen al met vijf in Vlaanderen. Oprichter Wim Ballieu wil nu verder groeien en doet daarvoor beroep op “z’n klanten en de crowd” die vanaf 500 euro kunnen investeren met “een sexy rendement”. Eerder lanceerde Ballieu in 2017 ook al zo’n geldophaalcampagne. Toen werd in 40 seconden tijd maar liefst 125.000 euro verzameld. Nu volgt een tweede campagne waarbij ze maximaal 200.000 euro zoeken. Hij werkt daarvoor samen met het crowdfundingsplatform WinWinner.
Interessant? Jazeker. Een veilige belegging? De meningen zijn verdeeld. Vraag het aan de investeerders van het Hasseltse Peas, bekend van zijn vegan kaneelrolletjes, dat 241.000 euro ophaalde via crowdlending en winwinleningen, of ze tevreden zijn en het antwoord is een duidelijke neen. De 78 investeerders zijn hun geld, wellicht het volledig geïnvesteerde kapitaal, kwijt nadat het bedrijf onlangs in faling ging.
Maar wat is dat nu precies, crowdfunding?
“Crowdfunding is een overkoepelende term”, verduidelijkt expert Nathalie De Schepper en auteur van het boek Crowdfunding Essentials. “Het is een financieringsvorm waarbij je met steun van een grote groep mensen, die elk een financiële bijdrage geven, jouw project realiseert.”
Net zoals bij de meeste andere crowdfunding-projecten werkt Balls & Glory met crowdlending en winwinleningen. “Bij crowdlending geeft de ‘crowd’ of het publiek een lening aan de projecteigenaar. In ruil hoopt hij hiervoor een financiële return te ontvangen in de vorm van interesten. Dit rendement schommelt meestal tussen 6% en 12% en is afhankelijk van het risicoprofiel van de onderneming waarin je investeert”, legt De Schepper uit.
Bij de winwinlening leen je ook geld uit, maar meestal aan een kleiner rendement. Wel krijg je een fiscaal voordeel van de Vlaamse overheid en een garantie van 30% via je belastingaangifte indien het misloopt met de onderneming. Beide vormen winnen aan populariteit, vooral bij jonge investeerders. Toch zijn er ook risico’s aan verbonden.
Wat houdt zo’n crowdfunding project in?
“Ik beschouw het vooral als een vorm van liefdadigheid”, stelt Pascal Paepen, professor Bank en Beurs en mede-oprichter van spaarvarkens.be. “Het zijn bedrijven die geen of nauwelijks krediet krijgen van een bank en daarom beroep doen op andere investeerders. De kredietwaardigheid van zo’n projecten is meestal laag. De kans dat je jouw geld verliest, is groot. Groter dan wanneer je in een beleggingsfonds stapt bijvoorbeeld waar je veel meer informatie krijgt en de kredietwaardigheid groter is. Het gevaar bestaat, zoals bij Balls & Glory, dat je investeert vanuit het idee: ‘oh, het is een Bekende Vlaming’ of ‘ik heb daar al eens lekker gegeten’, dus ik wil dat wel steunen. Als het dan later mis gaat, moet je niet teleurgesteld zijn. Dat is het spel en de risico’s zijn hier groter dan elders.”
Nathalie De Schepper spreekt dat tegen. “De defaultratio in België van crowdlending in aantal en bedragen ligt onder de 1% op alle campagnes. Dat wil zeggen dat minder dan 1% er niet in slaagt om zijn lening terug te betalen. Er is altijd een risico, zoals bij een gewone belegging, maar zo groot is dat risico niet. Bovendien is het veel meer laagdrempelig. Je hoeft geen grote bedragen te investeren. Het kan al vanaf 500 euro en vaak ga je toch investeren in iets waar je voeling mee hebt. Je voelt je meer verbonden met de activiteit die ze ondernemen en bouwt mee aan het succes van een bedrijf waar je in gelooft. En het is niet omdat ze beroep doen op de crowd, dat er iets mis is met dat bedrijf. Het is moeilijker om leningen te krijgen dezer dagen bij de banken. Zo’n campagne wordt vaak ook ondernomen om je dossier sterker te maken bij de bank.”
Waar moet je op letten als je investeert?
“Natuurlijk is dit anders dan traditioneel beleggen”, weet De Schepper. “Maar pas gewoon hetzelfde principe toe. Maak de afweging tussen het rendement en het risico-profiel. Je hebt meer rendement bij hoger risico, maar besef dan ook dat de kans dat het fout loopt, groter is. Ten tweede, zorg dat je jouw kapitaal verspreidt over meerdere projecten. Leg niet al je eieren in één mandje en ten derde herhaal ik wat ik daarnet zei: zorg dat je weet waar je geld naar toe gaat, zorg dat je een beetje voeling hebt met het bedrijf zodat je weet waar het over gaat.”
Paepen is resoluut. “De interesten zijn nog altijd laag bij de banken, dus mensen kijken naar alternatieven en te vaak enkel naar de hoge intresten van zo’n projecten: 5 tot 8% en dat lijkt interessant, maar vergeet niet, als het misgaat, dan verlies je jouw inzet. Het gaat om een achtergestelde lening, je komt als laatste in de rang om geld terug te krijgen wanneer het fout loopt.”
Zijn er bepaalde regels?
Jazeker en de Europese richtlijnen worden ook strenger. “Zo’n platform zoals WinWinner of Look&Fin gaat ook niet eender welk project aanbieden”, geeft De Schepper mee. “Zij screenen een bedrijf grondig, want ze zijn er alleen maar mee gebaat dat ze succesvol zijn. Een bedrijf dat vaag is met z’n doelstellingen zal niet opgenomen worden op het platform. Kijk verder ook steeds of een platform goedgekeurd is door de FSMA. Er zijn bepaalde websites die crowdfunding presenteren, maar die niet erkend zijn door de FSMA. Let daar voor op. Ga na bij de FSMA welke geregistreerd zijn.”
Paepen: “Inderdaad, er is wel wat regelgeving, maar je mag toezicht door de FSMA niet verwarren met kredietwaardigheid. De platformen worden inderdaad gecontroleerd, maar de waarde daarvan blijft beperkt. Het blijft een investering met een groot risico.”
Kan een bedrijf het verkregen geld zomaar wegsluizen?
“Neen, dat kan niet’, klink het bij beiden. “Ondernemers kunnen het geld niet gebruiken om bijvoorbeeld een cruise te doen met de klanten”, zegt De Schepper.“Ze moeten in hun voorstel de lijnen uitzetten, aangeven waar het geld stap voor stap naar toe gaat.” Paepen: “Dat gebeurt meestal wel correct, al zal je af en toe wel fraude hebben. Maar je verliest je geld als investeerder niet omdat er geld werd weggesluisd, je verliest je geld door het risico dat aan de investering verbonden is.”
Wat gebeurt er als het misgaat?
Zelfs al beschikt een bedrijf over goede papieren en goede vooruitzichten, toch kan het altijd misgaan, zoals bij Peas. De Schepper: “Ja, maar dat is typisch Belgisch, meteen focussen op het negatieve verhaal. Peas is een uitzondering, want het draaide goed, alleen is het de keuze van de eigenaars geweest om te stoppen. In Nederland kijken ze veel meer naar de succesverhalen. Als ik zie hoeveel rendement ik de voorbije jaren al heb gehaald in heel wat projecten, dan vind ik crowdlending een goede investering.”
Paepen nuanceert dat: “Dat kan allemaal wel zijn, maar vergeet niet, het gaat nog altijd om bedrijven die meestal geen lening krijgen bij een bank. Je hebt minder informatie dan bij beursgenoteerde bedrijven waar je in kan investeren. Weet dat je, nagenoeg altijd, de laatste zal zijn in de rij die z’n geld terugkrijgt wanneer het fout loopt omdat het om een achtergestelde lening gaat.”
(Het Nieuwsblad,16 februari 2023)
Responses